Een lokale directory is een van de typen directory's die u in de VMware Identity Manager-service kunt maken. Met een lokale directory kunt u lokale gebruikers in de service inrichten en toegang geven tot specifieke applicaties zonder dat u deze aan uw bedrijfsdirectory hoeft toe te voegen. Een lokale directory is niet verbonden met een bedrijfsdirectory en gebruikers en groepen worden niet via een bedrijfsdirectory gesynchroniseerd. In plaats daarvan maakt u lokale gebruikers rechtstreeks in de lokale directory aan.

In de service is een standaard lokale directory met de naam Systeemdirectory beschikbaar. U kunt ook meerdere nieuwe lokale directory's maken.

Systeemdirectory

De Systeemdirectory is een lokale directory die automatisch in de service wordt gemaakt wanneer deze wordt ingesteld. Deze directory heeft het domein Systeemdomein. U kunt de naam of het domein van de Systeemdirectory niet wijzigen, en geen nieuwe domeinen eraan toevoegen. Bovendien kunt u de Systeemdirectory of het Systeemdomein niet verwijderen.

Wanneer de tenant voor het eerst wordt ingesteld, wordt een lokale beheerder in het Systeemdomein van de Systeemdirectory gemaakt. De gegevens die u ontvangt wanneer u een nieuwe tenant krijgt, behoren bij deze lokale beheerder.

U kunt andere gebruikers aan de Systeemdirectory toevoegen. Standaard wordt de Systeemdirectory gebruikt om een paar lokale beheerders in te stellen om de service te beheren. Om eindgebruikers en extra beheerders in te richten en deze rechten te geven tot applicaties, raden wij u aan om een nieuwe lokale directory te maken.

Lokale directory's

U kunt meerdere lokale directory's maken. Elke lokale directory kan een of meerdere domeinen bevatten. Wanneer u een lokale gebruiker maakt, specificeert u de directory en het domein voor de gebruiker.

U kunt ook kenmerken selecteren voor alle gebruikers in de lokale directory. Gebruikerskenmerken zoals Gebruikersnaam, Achternaam en Voornaam worden op het algemene niveau in de VMware Identity Manager-service gespecificeerd. Er is een standaardlijst met kenmerken beschikbaar en u kunt aangepaste kenmerken toevoegen. Algemene gebruikerskenmerken gelden voor alle directory's in de service, inclusief lokale directory's. Op het niveau van de lokale directory kunt u selecteren welke kenmerken vereist zijn voor de directory. Op deze manier kunt u een aangepaste set met kenmerken hebben voor verschillende lokale directory's. Houd er rekening mee dat voor lokale directory's Gebruikersnaam, Achternaam, Voornaam en het e-mailadres altijd vereist zijn.

Opmerking:

De mogelijkheid om gebruikerskenmerken op directoryniveau aan te passen, is alleen beschikbaar voor lokale directory's, niet voor Active Directory- of LDAP-directory's.

Lokale directory's maken is handig in de volgende scenario's.

  • U kunt een lokale directory maken voor een specifiek type gebruiker dat geen deel uitmaakt van uw bedrijfsdirectory. Bijvoorbeeld: u kunt een lokale directory maken voor partners die doorgaans geen deel uitmaken van uw bedrijfsdirectory en hen toegang geven tot alleen de specifieke applicaties die ze nodig hebben.

  • U kunt meerdere lokale directory's maken als u verschillende gebruikerskenmerken of verificatiemethoden wilt voor verschillende sets gebruikers. U kunt bijvoorbeeld een lokale directory voor distributeurs maken die gebruikerskenmerken bevat zoals regio en marktaandeel, en een andere directory voor leveranciers met kenmerken zoals productcategorie en type leverancier.

Identiteitsprovider voor Systeemdirectory en Lokale directory's

Standaard wordt de Systeemdirectory die hoort bij een identiteitsprovider, Systeemidentiteitsprovider genoemd. De methode met een wachtwoord (cloud-directory) wordt standaard ingeschakeld bij deze identiteitsprovider en geldt voor het beleid default_access_policy_set voor het netwerkbereik ALL RANGES en het apparaattype Webbrowser. U kunt extra verificatiemethoden configureren en het verificatiebeleid instellen.

Wanneer u een nieuwe lokale directory maakt, hoort deze niet bij een identiteitsprovider. Nadat u de directory hebt gemaakt, maakt u een nieuwe identiteitsprovider van het type Embedded en koppelt u de directory aan deze provider. Schakel de verificatiemethode Wachtwoord (clouddirectory) in voor de identiteitsprovider. Meerdere lokale directory's kunnen aan dezelfde identiteitsprovider worden gekoppeld.

De VMware Identity Manager-connector is niet vereist voor de Systeemdirectory of voor lokale directory's die u maakt.

Raadpleeg "Gebruikersverificatie in VMware Identity Manager configureren" in VMware Identity Manager-beheer voor meer informatie.

Wachtwoord beheren voor gebruikers van lokale directory's

Standaard kunnen alle gebruikers van lokale directory's hun wachtwoord wijzigen in de portal of app Workspace ONE. U kunt een wachtwoordbeleid voor lokale gebruikers instellen. Indien nodig, kunt u ook wachtwoorden van lokale gebruikers resetten.

Wanneer gebruikers zich hebben aangemeld bij de portal Workspace ONE kunnen zij hun wachtwoord wijzigen door op hun naam in de rechterbovenhoek te klikken, dan Account in het vervolgkeuzemenu te selecteren en vervolgens op de koppeling Wachtwoord wijzigen te klikken. In de app Workspace ONE kunnen gebruikers hun wachtwoord wijzigen door op het menupictogram met drie streepjes te klikken en Wachtwoord te selecteren.

Raadpleeg "Gebruikers en Groepen beheren" in VMware Identity Manager-beheer voor informatie over het beleid voor het instellen van wachtwoorden en het resetten van wachtwoorden van lokale gebruikers.