Om een Workspace ONE UEM MAM-implementatie met de zelfstandige catalogus te configureren, moet u een speciale organisatiegroep creëren. Voeg de zelfstandige catalogus dan aan die organisatiegroep toe en vraag eindgebruikers om zich in te schrijven in de MAM-omgeving met de zelfstandige catalogus.

Procedure

  1. Configureer een organisatiegroep voor de zelfstandige MAM-implementatie. Geef de groep een naam "Uitsluitend applicatiecatalogus", zodat u de functie van die speciale groep makkelijk kunt herkennen.
  2. Configureer een zelfstandige catalogus in dezelfde organisatiegroep als de zelfstandige MAM-omgeving, of in een bovenliggende groep.
  3. Verstuur de inloggegevens en de Workspace ONE UEM omgevings-URL naar de eindgebruikers zodat zij zich in Workspace ONE UEM kunnen inschrijven. Zodra toestellen zich ingeschreven hebben, wordt het profiel voor de zelfstandige catalogus naar hun toestellen verstuurd.