U kunt de implementatie van uw Win32-applicaties beheren door één toewijzing of meerdere toewijzingen toe te voegen en de implementatie voor uw Win32-applicaties te configureren.

U kunt de implementaties van uw Win32-applicaties voor een bepaalde tijd inplannen. De Workspace ONE UEM console voert de implementaties dan uit zonder verdere tussenkomst. De flexibele implementatiefunctie is te vinden in de gedeelten Toewijzen van de applicatie en biedt voordelen voor het toewijzingsproces:

Voorwaarden

Als u meerdere toewijzingen toevoegt, dient u de belangrijkste toewijzingen hoger in de lijst te plaatsen en de minder belangrijkere lager.

Procedure

  1. Navigeer naar Applicaties en boeken > Applicaties > Systeemeigen > Intern of Publiek.
  2. Upload een applicatie en klik op Opslaan en toewijzen of selecteer de applicatie en klik op Toewijzen.
  3. Selecteer op het tabblad Toewijzingen de optie Toewijzing toevoegen.
  4. Vul op het tabblad Distributie de volgende opties in:
    Instelling Beschrijving
    Naam Typ de naam van de toewijzing.
    Beschrijving Voer de beschrijving van de toewijzing in.
    Toewijzingsgroepen Typ de naam van een smart group om de groep met toestellen te vinden die de toewijzing moeten ontvangen.
    Implementatie begint op Implementatie begint op is alleen beschikbaar voor interne applicaties. Stel een dag van de maand en een tijd van de dag in waarop de implementatie moet worden gestart.

    Houd de verkeerspatronen van uw netwerk in gedachten en stel een begindatum in met voldoende bandbreedte om applicaties succesvol naar toestellen te versturen.

    Methode van applicatieaanlevering Bekijk hoe de applicatie naar toestellen wordt verstuurd. Automatisch stuurt direct door de AirWatch Catalog zonder tussenkomst van de gebruiker. On Demand stuurt naar toestellen wanneer de gebruiker een installatie vanuit een catalogus initieert.
    In applicatiecatalogus weergeven Selecteer Weergeven of Verbergen om een interne of publieke applicatie in de catalogus weer te geven.
    Opmerking: De opties Weergeven en Verbergen gelden alleen voor de Workspace ONE Catalog en niet voor de oude VMware AirWatch Catalog.

    Gebruik deze functie om applicaties in de applicatiecatalogus te verbergen als u wilt dat gebruikers er niet bij kunnen.

    Meldingen weergeven Selecteer Weergeven of Verbergen om gebruikersmeldingen (per toewijzing) weer te geven tijdens de installatie en verwijdering van applicaties op uw Windows 10-toestellen.

    Bijvoorbeeld wanneer u voor bepaalde applicaties die u implementeert niet wilt dat meldingen voor uw eindgebruikers worden weergegeven, zoals applicaties op het gebied van beveiliging en infrastructuur, of vaak veranderende applicaties. U kunt ervoor kiezen om de installatiemeldingen voor uw automatisch geïmplementeerde applicaties te verbergen vanuit het actiecentrum in Windows en de Installatiemonitor in de Workspace ONE Intelligent Hub en de Workspace ONE-applicatie.

    Uitgestelde installatie door gebruiker toestaan Schakel deze instelling in als u wilt dat de gebruiker de installatie van de applicatie mag uitstellen. Wanneer het opgegeven aantal keren uitstel is bereikt, wordt de app geïnstalleerd.
    UEM- of aangepaste meldingen gebruiken Geef op of bij uitstel Workspace ONE UEM of meldingen van derden moeten worden gebruikt.
    Interval voor uitstellen installatieprogramma

    Geef op of de gebruiker het tijdsbestek voor het uitstel kan selecteren of dat de beheerder de volgende installatiepoging moet forceren.

    Afsluitcode voor installatieprogramma - uitstel

    Geef de integercode op die door het installatieprogramma wordt teruggegeven om aan te geven of de installatie van de app is uitgesteld. Hierdoor kan de installatie van de app tijdens het volgende installatie-interval worden ingetrokken.

  5. Vul op het tabblad Beperkingen de volgende opties in:
    Instelling Beschrijving
    App onder MDM-beheer stellen als het door gebruiker geïnstalleerd is Neem het beheer over van applicaties die eerder zijn geïnstalleerd door gebruikers op hun Windows-bureaublad. MDM-beheer vindt automatisch plaats, ongeacht de methode van applicatieaanlevering, en vereist privacyinstellingen om het verzamelen van persoonlijke applicaties mogelijk te maken. Schakel deze functie in zodat gebruikers de op hun toestel geïnstalleerde versie van de applicatie niet hoeven te verwijderen. Met deze instelling kan Workspace ONE UEM de applicatie beheren zonder de versie ervan uit de applicatiecatalogus op het toestel te installeren.
    Desired State Management Het veld Beheer gewenste status is standaard een alleen-lezen veld en wordt alleen weergegeven voor uw interne softwaredistributieapplicaties. U kunt de instelling Beheer gewenste status inschakelen onder de volgende voorwaarden:
    1. Uw interne softwaredistributieapplicatie bevat geen aangepast script voor de installatiedetectie.
    2. De App-leveringsmethode is ingesteld op Auto.
    3. MDM-beheer toestaan is ingesteld voor uw applicatie.
  6. Klik op Maken.