U kunt gebruiksvoorwaarden voor applicaties maken om eindgebruikers op de hoogte te stellen als een specifieke applicatie gegevens verzamelt of als er beperkingen worden opgelegd.

Als gebruikers deze applicaties uitvoeren vanuit uw applicatiecatalogus, moeten zij de overeenkomst accepteren om toegang tot de applicatie te krijgen. U kunt gebruiksvoorwaarden voor applicatieversies instellen, taalspecifieke gebruiksvoorwaarden voor applicaties maken en applicaties verwijderen als de gebruiksvoorwaarden voor applicaties niet worden geaccepteerd.

Gebruiksvoorwaarden voor de Console worden weergegeven als een beheerder voor de eerste keer in de Workspace ONE UEM console inlogt. Voor de UEM-console kunt u versienummers voor de gebruiksvoorwaarden instellen en taalspecifieke versies maken. Voor applicaties geldt dat u de gebruiksvoorwaarden kunt toewijzen als u een applicatie toevoegt of bewerkt op het tabblad Gebruiksvoorwaarden.

Procedure

  1. Navigeer naar Groepen en instellingen > Alle instellingen > Systeem > Gebruikersovereenkomst.
  2. Selecteer Gebruiksvoorwaarden toevoegen.
  3. Voer een Naam in voor de gebruiksvoorwaarden en selecteer het Type, dat Console of Applicatie kan zijn.
  4. Configureer instellingen zoals een Versienummer en een Respijtperiode, afhankelijk van het Type dat u heeft geselecteerd.
  5. Geef uw gebruiksvoorwaarden op in het vak dat wordt aangeboden. De editor is een elementair tekstinvoerhulpmiddel om gebruiksvoorwaarden op te stellen of bestaande gebruiksvoorwaarden mee te plakken. Als u een stuk tekst vanuit een externe bron wilt plakken, klikt u met uw rechtermuisknop op het tekstvak en kiest u Plak als tekst zonder opmaak om HTML- of opmaakfouten te voorkomen.
  6. Selecteer Opslaan.