Beveilig e-mailbijlagen met Workspace ONE UEM

Er zijn e-mailbijlagen van verschillende bestandstypes. In de UEM-console kunt u de bestandstypes selecteren die door de Secure Email Gateway moeten worden geëncrypteerd wanneer ze als e-mailbijlagen worden gebruikt. Deze geëncrypteerde bijlagen zijn op mobiele toestellen beveiligd en kunnen worden bekeken in de VMware AirWatch Content Locker-applicatie.

Gedetailleerdere instellingen zijn beschikbaar voor beheerde iOS- en Android-toestellen en voor Windows Phone. Voor andere beheerde toestellen en alle onbeheerde toestellen kunnen bijlagen (in volume) beveiligd worden door ervoor te zorgen dat deze niet geopend worden in applicaties van derden.

Procedure

  1. Navigeer naar E-mail > Netwerkregels > Beveiligingsbeleid voor e-mail.
  2. Klik op de grijze cirkel in de kolom Actief voor het netwerkbeleid Bijlagen (beheerde toestellen) of Bijlagen (onbeheerde toestellen).
    Er verschijnt een pagina met een code.
  3. Voer de code in het juiste veld in en klik dan op Doorgaan.
    De netwerkregel wordt geactiveerd. Dit wordt aangegeven met een groene cirkel in de kolom Actief.
  4. Klik op de optie Bewerken in de kolom Acties.
  5. Selecteer voor elke bestandscategorie of bijlagen geëncrypteerd en toegestaan, zonder encryptie toegestaan of zonder encryptie geblokkeerd moeten worden (alleen voor beheerde iOS-, Android- of Windows-toestellen).
  6. Vink het keuzevakje Toestaan dat bijlagen kunnen worden opgeslagen in de Content Locker aan om de bijlagen in de Content Locker op te slaan.
    De bijlagen blijven geëncrypteerd en staan onder toezicht van het netwerkbeleid voor Content Locker.
  7. Kies het beleid voor enige Andere bestanden die hier niet zijn genoemd.
  8. Voer de bestandsextensies in de Uitsluitingslijst in voor bestandstypen die u wilt uitsluiten van de acties die u in Andere bestanden heeft vastgesteld.
  9. Voer een standaardbericht voor geblokkeerde bijlagen in dat kan worden weergegeven om een gebruiker op de hoogte te stellen van een geblokkeerde bijlage.
  10. Daarna kunt u de instellingen opslaan.