U kunt een implementatieomgeving toewijzen aan een vRealize Automation reserveringsbeleid voordat u toepassingen in die cloudomgeving implementeert. Als u geen reserveringsbeleid selecteert, wordt door vRealize Automation een geschikt reserveringsbeleid gekozen op het tijdstip waarop de implementatie plaatsvindt.

Over deze taak

In een vRealize Automation-bedrijfsgroep kunnen diverse reserveringen aan reserveringsbeleidsregels zijn toegewezen. Aan een reservering is een pool bronnen toegewezen, zoals geheugen, opslag en netwerk, om machines te bouwen. Op basis van de reserveringsinstellingen kunt u een virtual machine in een aangewezen opslagruimte opslaan en bepalen met welk netwerk deze verbinding kan maken. U gebruikt reserveringsbeleidsregels om vergelijkbare bronnen te groeperen om gedefinieerde serviceniveaus te maken, of om een specifiek type bron beschikbaar te maken voor een specifiek doel.

U kunt een reserveringsbeleid met een reservering toevoegen aan een vRealize Automation-blueprint. Wanneer u een machine uit deze blueprint aanvraagt, wordt de virtual machine opgeslagen in een aangewezen opslagruimte en toegewezen aan een netwerk dat al in de reservering is gedefinieerd. Als u geen reserveringsbeleid aan een blueprint toewijst, wijst vRealize Automation een reservering toe op basis van de bronvereisten van de virtual machine in de vRealize Automation-blueprint.

Voorwaarden

  • Meld u aan bij Application Services als een cloudbeheerder voor toepassingen.

  • Controleer of vRealize Automation 6.1 of later is ge├»nstalleerd en geconfigureerd.

  • Controleer of de vRealize Automation-bedrijfsgroep die u wilt gebruiken bij Application Services is gemaakt en geconfigureerd.

  • Controleer of u over rechten voor tenantbeheerders beschikt voor toegang tot de bedrijfsgroep

    Gebruikers met tenantbeheerdersrechten kunnen bedrijfsgroepen maken en beheren. Zie IaaS-configuratie voor virtuele platforms voor meer informatie over bedrijfsgroepen.

  • Controleer of u een bedrijfsgroepbeheerder voor de bedrijfsgroep bent.

  • Controleer of er een reserveringsbeleid is gemaakt en geconfigureerd in vRealize Automation. De Application Services-implementatieomgeving komt overeen met het reserveringsbeleid in vRealize Automation.

  • Controleer of een vRealize Automation-cloudprovider is geregistreerd in Application Services. Zie De vRealize Automation-cloudprovider en -sjabloon registreren.

Procedure

  1. Ga naar de titelbalk van Application Services, klik op het vervolgkeuzemenu en selecteer Clouds > Implementatieomgevingen.
  2. Klik op Nieuw.
  3. Vul de gegevens voor de implementatieomgeving in.

    Optie

    Beschrijving

    Naam implementatieomgeving en Beschrijving

    Vul in een van deze twee vakken de naam van het reserveringsbeleid in. De tekst van deze vakken wordt in de wizard Implementatieprofiel onder de kolom Implementatieomgeving weergegeven.

    Cloudprovider

    Als de cloudprovider niet in deze lijst wordt weergegeven, annuleert u het dialoogvenster en selecteert u Clouds > Cloudproviders om de vRealize Automation-cloudprovider toe te voegen.

    Reserveringsbeleid

    Klik op Selecteren om een selectie te maken in een lijst met reserveringsbeleidsregels van de cloudprovider die u hebt geselecteerd.

    Reserveringsbeleidsregels in vRealize Automation met 'auto' in de naam worden niet weergegeven in de lijst met reserveringsbeleid. Wijzig de naam van het reserveringsbeleid zodat het in de lijst met reserveringsbeleid wordt weergegeven.

    Als u Geen reserveringsbeleid selecteert, wijst vRealize Automation een reservering toe op basis van bronbeschikbaarheid.

  4. Selecteer een reserveringsbeleid en klik op OK.

    Een vRealize Automation-reserveringsbeleid wordt toegewezen aan de Application Services-implementatieomgeving.

  5. Klik op Opslaan.
  6. (Optioneel) : Als u de bestaande informatie voor een vRealize Automation-implementatieomgeving wilt wijzigen, klikt u op Bewerken in de werkbalk en maakt u de gewenste wijzigingen.

    Voor bepaalde implementaties kunt u ook de eigenschappen van de proxyinstelingen bewerken. Door deze proxyinstellingen te wijzigen, krijgt u toegang tot externe gegevens. Klik op Weergeven om de volgende eigenschappen te bewerken:

    • http.proxyHost

    • http.proxyPort

    • http.proxyUser

    • http.proxyPassword

    Als u de eigenschappen van de proxyinstellingen niet bewerkt, worden de algemene proxyinstellingen gebruikt.

Resultaten

Wanneer u een implementatieprofiel maakt, kunt u deze implementatieomgeving selecteren om toepassingen in vSphere te implementeren.

Volgende stappen

U kunt een instantie van een externe service toewijzen, een beleidsinstantie maken of een oplossingsinstantie registreren bij de implementatieomgeving. Zie Een externe service-instantie toewijzen, Een beleidsinstantie maken of Een oplossingsinstantie maken voor een Puppet.