In een gedistribueerde installatie implementeert de systeembeheerder virtuele toepassingen en gerelateerde onderdelen om de implementatieomgeving te ondersteunen.

Tabel 1. Virtuele toepassingen en toepassingsdatabase

Onderdeel

Beschrijving

vRealize Automation-toepassing

Een vooraf geconfigureerde virtuele toepassing die de vRealize Automation-server implementeert. De server omvat de vRealize Automation-console die één enkel portaal biedt voor selfservice-inrichting en beheer van cloudservices, evenals ontwerp en beheer.

Toepassingsdatabase

Slaat informatie op die wordt vereist door de virtuele toepassingen. De database is ingesloten in een of twee instanties van vRealize Automation-toepassing.

U kunt de individuele IaaS-onderdelen selecteren die u wilt installeren en de installatielocatie opgeven.

Tabel 2. IaaS-onderdelen

Onderdeel

Beschrijving

Website

Biedt mogelijkheden voor infrastructuurbeheer en serviceontwerp voor de vRealize Automation-console. Het websiteonderdeel communiceert met de Model Manager, die updates levert van de Distributed Execution Manager (DEM), proxy-agenten en de database.

Manager Service

De Manager Service coördineert de communicatie tussen agenten, de database, Active Directory en SMTP. De Manager Service communiceert met de consolewebsite via de Model Manager. Om deze service uit te voeren, zijn beheerderprivileges vereist.

Model Manager

De Model Manager communiceert met de database, de DEM's en de portaalwebsite. De Model Manager is verdeeld in twee afzonderlijk installeerbare onderdelen: de Model Manager-webservice en het Model Manager-gegevensonderdeel.

Distributed Execution Managers (Orchestrator en Werker)

Een Distributed Execution Manager (DEM) voert de bedrijfslogica van aangepaste modellen uit, en communiceert met de IaaS-database en externe databases. DEM's beheren ook cloudmachines en fysieke machines.

Agenten

Virtualisatie-, integratie- en WMI-agenten die communiceren met infrastructuurbronnen.