In diverse implementatiescenario's heeft een onderdeel de eigenschapswaarde van een ander onderdeel nodig om te kunnen worden aangepast. In vRealize Automation wordt dit 'binden aan andere eigenschappen' genoemd. U kunt de onderdelen voor eigenschapsbindingen ontwerpen, maar u configureert de binding bij het samenstellen van de blueprint.

Naast het instellen van een eigenschap met een vastgelegde waarde, kunnen softwarearchitecten, IaaS-architecten of toepassingsarchitecten Softwareonderdeeleigenschappen binden aan andere eigenschappen in de toepassingsblueprint, zoals een IP-adres of een installatielocatie. Wanneer u een Software-eigenschap bindt aan een andere eigenschap, kunt u een script aanpassen op basis van de waarde van een andere onderdeeleigenschap of eigenschap van een virtual machine. Een WAR-onderdeel heeft bijvoorbeeld mogelijk de installatielocatie van de Apache Tomcat-server nodig. In uw scripts kunt u het WAR-onderdeel configureren voor het instellen van de eigenschapswaarde server_home op de eigenschapswaarde install_path voor de Apache Tomcat-server in uw script. Zolang de architect die de toepassingsblueprint samenstelt, de eigenschap server_home bindt aan de eigenschap install_path van de Apache Tomcat-server, wordt de eigenschap server_home correct ingesteld.

Uw onderdeelscripts kunnen alleen eigenschappen gebruiken die u in de betreffende scripts hebt gedefinieerd.