Om de vRealize Automation-toepassing te implementeren, moet een systeembeheerder zich aanmelden bij de vSphere-client en implementatie-instellingen selecteren.

Voordat u begint

  • Download de vRealize Automation-toepassing van de VMware-website.

  • Meld u aan bij de vSphere-client als een gebruiker met systeembeheerderprivileges.

Over deze taak

Niet alle tekens kunnen worden gebruikt in het root-wachtwoord dat u gebruikt voor de vRealize Automation-beheerder.

Procedure

  1. Selecteer Bestand > OVF-sjabloon implementeren in de vSphere-client.
  2. Blader naar het vRealize Automation-toepassing-bestand dat u hebt gedownload en klik op Openen.
  3. Klik op Volgende.
  4. Klik op Volgende op de pagina met OVF-sjabloondetails.
  5. Accepteer de licentieovereenkomst en klik op Volgende.
  6. Voer een unieke virtuele toepassingsnaam in volgens de IT-naamgevingsregels van uw organisatie in het tekstvak Naam, selecteer het datacenter en de locatie waarnaar u de virtuele toepassing wilt implementeren en klik op Volgende.
  7. Volg de prompts totdat de pagina Schijfindeling wordt weergegeven.
  8. Controleer op de pagina Schijfindeling of er voldoende ruimte is om de virtuele toepassing te implementeren en klik op Volgende.
  9. Volg de prompts naar de pagina Eigenschappen.

    De opties die worden weergegeven, zijn afhankelijk van uw vSphere-configuratie.

  10. Configureer de waarden op de pagina Eigenschappen.
    1. Voer het wachtwoord van de hoofdaccount in die u wilt gebruiken wanneer u zich aanmeldt bij de virtuele toepassingsconsole, in de tekstvakken Wachtwoord invoeren en Wachtwoord bevestigen.
    2. Schakel het selectievakje SSH-service in of uit om te kiezen of de SSH-service voor de toepassing al dan niet moet worden ingeschakeld.

      Deze waarde wordt gebruikt om de initiële status van de SSH-service in de toepassing in te stellen. Als u de installatie uitvoert met de installatiewizard, moet u deze optie inschakelen voordat u de wizard start. U kunt deze instelling na de installatie wijzigen vanuit de beheerconsole van de toepassing.

    3. Voer de volledig gekwalificeerde domeinnaam in van de virtual machine in het tekstvak Hostnaam, zelfs wanneer u DHCP gebruikt.
    4. Configureer de netwerkeigenschappen.
  11. Klik op Volgende.
  12. Afhankelijk van de vCenter- en DNS-configuratie kan het omzetten van de naam via DNS enige tijd in beslag nemen. Als u dit proces sneller wilt laten verlopen, voert u de volgende stappen uit.
    • Als Inschakelen na implementatie beschikbaar is op de pagina Gereed om te voltooien.

      1. Selecteer Inschakelen na implementatie en klik op Voltooien.

      2. Klik op Sluiten nadat het bestand is geïmplementeerd in vCenter.

      3. Wacht totdat de machine is opgestart.

        Dit kan tot wel 5 minuten duren.

    • Als Inschakelen na implementatie niet beschikbaar is op de pagina Gereed om te voltooien.

      1. Klik op Sluiten nadat het bestand is geïmplementeerd in vCenter.

      2. Schakel de VM in en wacht even tot de VM helemaal is opgestart.

      3. Controleer of u de DNS van de virtual machine kunt pingen. Als u de DNS niet kunt pingen, start u de virtual machine opnieuw op.

      4. Wacht totdat de machine is opgestart. Dit kan tot wel 5 minuten duren.

  13. Open een opdrachtprompt en ping de FQDN om te controleren of de volledig gekwalificeerde domeinnaam kan worden omgezet op basis van het IP-adres van vRealize Automation-toepassing.