De voorwaarden die u opgeeft voor een abonnement, bepalen of de werkstroom wordt getriggerd op basis van gebeurtenisgegevens.

Als u Uitvoeren op basis van voorwaarden selecteert, komen opties beschikbaar voor onder meer

  • Gegevens. De inhoud van het gebeurtenisbericht, specifiek gericht op het geselecteerde gebeurtenisonderwerp. Als u bijvoorbeeld een voorwaarde maakt voor het gebeurtenisonderwerp machinelevenscyclus, hebben de gegevensvelden betrekking op blueprints en machines, terwijl de gegevensvelden bij een gebeurtenisonderwerp voor goedkeuring vooraf betrekking hebben op goedkeuringsbeleid.

    U kunt ook voorwaarden toevoegen voor velden die niet tot het schema behoren, door het pad op te geven in het tekstvak boven de structuur. Gebruik de notatie ${PATH}. PATH is het pad voor het schema. Gebruik een ~ om de knooppunten van elkaar te scheiden. Bijvoorbeeld: ${data~machine~properties~SomeCustomProperty}.

  • Kernwaarden voor het gebeurtenisbericht. Algemene informatie over het gebeurtenisbericht. Bijvoorbeeld een gebeurtenistype, tijdstempel, of gebruikersnaam.

Selecteer Beheer > Gebeurtenissen > Abonnementen om een gebeurtenisonderwerp te selecteren voor uw werkstroomabonnementen. Klik op Nieuw.

Tabel 1. Opties op het tabblad Voorwaarden

Optie

Beschrijving

Uitvoeren voor alle gebeurtenissen

De geselecteerde werkstroom wordt uitgevoerd wanneer het bericht voor dit gebeurtenisonderwerp wordt ontvangen.

Uitvoeren op basis van voorwaarden

De geselecteerde werkstroom wordt uitgevoerd wanneer het gebeurtenisbericht wordt gedetecteerd en de gebeurtenis voldoet aan de gestelde voorwaarden.

Als u deze optie selecteert, kunt u de geselecteerde werkstroom voor dit abonnement triggeren door voorwaarden voor de gebeurtenisgegevens op te geven.

Als u meer dan één voorwaardecomponent wilt configureren, selecteert u de operator voor de component. Selecteer geen operator als de voorwaarde slechts één component bevat.

  • Alle volgende. De werkstroom wordt getriggerd wanneer alle componenten waar zijn en u ten minste twee voorwaarden hebt opgegeven.

  • Eender welke van de volgende. De werkstroom wordt getriggerd wanneer ten minste één van de componenten waar is en u ten minste twee voorwaarden hebt opgegeven.

  • Niet de volgende. De werkstroom wordt getriggerd wanneer geen enkele component waar is.