Acties worden uitgevoerd op geïmplementeerde catalogusitems. Ingerichte catalogusitems en de acties die u daarop mag uitvoeren, worden op uw tabblad Items weergegeven. Om acties uit te voeren op een geïmplementeerd item, moet de actie zijn opgenomen in hetzelfde recht als het catalogusitem dat het item heeft ingericht vanuit de servicecatalogus.

Recht 1 bevat bijvoorbeeld een vSphere Virtual Machine en een actie voor het maken van momentopnamen, en recht 2 bevat alleen een vSphere Virtual Machine. Wanneer u een vSphere-machine van recht 1 implementeert, is de actie voor het maken van momentopnamen beschikbaar. Wanneer u een vSphere-machine van recht 2 implementeert, is er geen actie. Om de actie beschikbaar te maken voor gebruikers van recht 2, voegt u de actie voor het maken van momentopnamen toe aan recht 2.

Als u een actie selecteert die niet van toepassing is op een van de catalogusitems in het recht, wordt deze niet weergegeven als een actie in het tabblad Items. Uw recht bevat bijvoorbeeld een vSphere-machine en u verleent rechten voor een vernietigingsactie voor een cloudmachine. De vernietigingsactie kan niet worden uitgevoerd op de ingerichte machine.

U kunt een goedkeuringsbeleid toepassen op een actie die verschilt van het beleid dat wordt toegepast op het catalogusitem in het recht.

Als de servicecatalogusgebruiker lid is van meerdere bedrijfsgroepen en slechts een groep het recht heeft om in en uit te schakelen en de andere alleen het recht heeft om te vernietigen, zijn voor die gebruiker de drie acties beschikbaar voor de toepasselijke ingerichte machine.

Beste praktijken om gebruikers rechten te verlenen voor acties

Omdat blueprints gecompliceerd zijn, kan het verlenen van rechten om acties uit te voeren op ingerichte blueprints, tot onverwacht gedrag leiden. Volg de volgende beste praktijken wanneer u gebruikers van de servicecatalogus rechten verleent om acties uit te voeren voor de ingerichte items.

  • Wanneer u gebruikers het recht verleent voor de actie Machine vernietigen, moet u ze tevens rechten verlenen voor Implementatie vernietigen. Een ingerichte blueprint is een implementatie.

    Een implementatie kan een machine bevatten. Als gebruikers van de servicecatalogus wel gerechtigd zijn om de actie Machine vernietigen uit te voeren maar niet om de implementatie te vernietigen, krijgt een gebruiker die de actie Machine vernietigen uitvoert voor de laatste of enige machine van een implementatie, een bericht te zien met de melding dat hij of zij niet bevoegd is om deze actie uit te voeren. Als ze gerechtigd zijn om beide acties uit te voeren, wordt ook de implementatie uit uw omgeving verwijderd. U gebruikt een beleid met goedkeuring vooraf voor de actie Implementatie vernietigen om de governance voor die actie te beheren. Met dit beleid kan de aangewezen goedkeurder de aanvraag Implementatie vernietigen valideren voordat de actie wordt uitgevoerd.

  • Wanneer u gebruikers van de servicecatalogus rechten verleent voor acties zoals Lease wijzigen, Eigenaar wijzigen, Vervallen, Opnieuw configureren en andere acties die zowel voor machines als implementaties gelden, moet u de rechten voor beide acties verlenen.