vSphere-endpointverificatiegegevens of de verificatiegegevens waaronder de agentservice wordt uitgevoerd, moeten beheertoegang tot de installatiehost mogelijk maken. Meerdere vSphere-agenten moeten aan de vRealize Automation-configuratievereisten voldoen.

Verificatiegegevens

Wanneer u een endpoint maakt die de vCenter Server-instantie vertegenwoordigt en die wordt beheerd door een vSphere-agent, kan de agent de verificatiegegevens gebruiken waarmee de service wordt uitgevoerd voor interactie met de vCenter Server of om afzonderlijke verificatiegegevens voor de endpoint op te geven.

De volgende tabel bevat de bevoegdheden die de vSphere-endpointverificatiegegevens moeten hebben om een vCenter Server-instantie te beheren. De rechten moeten worden ingeschakeld voor alle clusters in vCenter Server, niet alleen clusters die endpoints hosten.

Tabel 1. Rechten die vereist zijn voor de vSphere-agent om de vCenter Server-instantie te beheren

Waarde van kenmerk

Recht

Datastore

Ruimte toewijzen

Bladeren in datastore

Datastorecluster

Een datastorecluster configureren

Map

Map maken

Map verwijderen

Algemeen

Aangepaste kenmerken beheren

Aangepast kenmerk instellen

Netwerk

Netwerk toewijzen

Rechten

Rechten wijzigen

Bron

VM toewijzen aan bronpool

Uitgeschakelde virtual machine migreren

Ingeschakelde virtual machine migreren

Virtual machine

Inventaris

Maken op basis van bestaand item

Nieuwe maken

Verplaatsen

Verwijderen

Interactie

CD-media configureren

Interactie met console

Verbinding met apparaat

Uitschakelen

Inschakelen

Opnieuw instellen

Onderbreken

Tools installeren

Configuratie

Bestaande schijf toevoegen

Nieuwe schijf toevoegen

Toevoegen of verwijderen

Schijf verwijderen

Geavanceerd

Aantal CPU's wijzigen

Bron wijzigen

Virtuele schijf uitbreiden

Bijhouden van schijf wijzigen

Geheugen

Apparaatinstellingen wijzigen

Nieuwe naam geven

Annotatie instellen (versie 5.0 en later)

Instellingen

Plaatsing wisselbestand

Inrichting

Aanpassen

Sjabloon klonen

Virtual machine klonen

Sjabloon implementeren

Specificatie aanpassing lezen

Status

Momentopname maken

Momentopname verwijderen

Terugzetten naar momentopname

Schakel de software van derden uit of configureer deze opnieuw als hierdoor het energieniveau van virtual machines buiten vRealize Automation kan worden gewijzigd. Deze wijzigingen kunnen nadelige gevolgen hebben op het beheer van de levenscyclus van de machine door vRealize Automation.