De opdrachtregelinterface voor de vRealize Automation-installatie omvat basisbewerkingen op het hoogste niveau.

De basisbewerkingen geven knooppunt-id's van vRealize Automation weer, voeren opdrachten uit, melden de opdrachtstatus of geven de helpinformatie weer. Als u deze bewerkingen en alle bijbehorende opties wilt weergeven in de consoleweergave, voert u de volgende opdracht in zonder opties of kwalificaties.

vra-command

Knooppunt-id's weergeven

U moet de knooppunt-id's van vRealize Automation kennen om opdrachten uit te voeren op de juiste doelsystemen. Voer de volgende opdracht in om knooppunt-id's weer te geven.

vra-command list-nodes

Noteer de knooppunt-id's voordat u opdrachten uitvoert op specifieke machines.

Opdrachten uitvoeren

Bij de meeste opdrachtregelfuncties wordt een opdracht uitgevoerd op een knooppunt in het vRealize Automation-cluster. Gebruik de volgende syntaxis om een opdracht uit te voeren.

vra-command execute --node knooppunt-id opdrachtnaam --parameternaam parameterwaarde

Zoals getoond in de voorgaande syntaxis vereisen vele opdrachten parameters en parameterwaarden die door de gebruiker worden gekozen.

Opdrachtstatus weergeven

Bepaalde opdrachten nemen enkele ogenblikken of zelfs langer in beslag. Als u de voortgang van een ingevoerde opdracht wilt controleren, voert u de volgende opdracht in.

vra-command status

De statusopdracht is bijzonder waardevol voor het bewaken van een stille installatie, die lang kan duren voor grote implementaties.

Help weergeven

Voer de volgende opdracht in om helpinformatie weer te geven voor alle beschikbare opdrachten.

vra-command help

Voer de volgende opdracht in om helpinformatie weer te geven voor één opdracht.

vra-command help command-name