U moet controleren of u over de rollen en verificatiegegevens beschikt om vRealize Automation-onderdelen te installeren.

vCenter-service-account

Als u van plan bent een endpoint voor vSphere te gebruiken, moet u over een domein of een lokaal account beschikken waarvoor het juiste toegangsniveau is geconfigureerd in vCenter.

Installatie van virtuele toepassing

Als u vRealize Automation-toepassing wilt implementeren, moet u over de juiste rechten beschikken voor het implementatieplatform (bijvoorbeeld over de verificatiegegevens van een beheerder voor vSphere).

Gedurende het implementatieproces moet u het wachtwoord voor de beheerderaccount voor de virtuele toepassing opgegeven. Deze account biedt toegang tot de beheerconsoles voor vRealize Automation-toepassing waarmee u de virtuele toepassingen kunt configureren en beheren.

IaaS-installatie

Voordat u de IaaS-onderdelen installeert, moet u de gebruiker waardoor u het IaaS-installatieprogramma wilt laten uitvoeren, toevoegen aan de groep Beheerders op de installatiehost.

Verificatiegegevens voor IaaS-database

U kunt de database maken tijdens de installatie van het product of handmatig maken in de SQL-server.

Wanneer u een MS SQL-database maakt of van gegevens voorziet via vRealize Automation (met de Installatiewizard of via de beheerconsole), gelden de volgende vereisten:

  • Als u de optie Geïntegreerde Windows-verificatie gebruikt, moet de rol sysadmin in SQL Server worden verleend aan de gebruiker die de beheeragent op de primaire IaaS-webserver uitvoert om de database te maken en de grootte van de database te wijzigen.

  • Als u Geïntegreerde Windows-verificatieniet selecteert, moet de rol sysadmin in SQL Server ook worden verleend aan de gebruiker die de beheeragent op de primaire IaaS-webserver uitvoert. De verificatiegegevens worden tijdens runtime gebruikt.

  • Als u een vooraf gemaakte database van gegevens voorziet via vRealize Automation, hoeven de door u verstrekte verificatiegegevens (ofwel de huidige Windows-gebruiker, ofwel de opgegeven SQL-gebruiker) slechts dbo-privileges voor de IaaS-database te omvatten.

Opmerking:

vRealize Automation-gebruikers moeten ook over het juiste toegangsniveau via Windows-verificatie beschikken om zich aan te melden en vRealize Automation te gebruiken.

Verificatiegegevens voor servicegebruiker van IaaS

IaaS installeert diverse Windows-services die één servicegebruiker delen.

De volgende vereisten zijn van toepassing op de servicegebruiker van IaaS-services.

  • De gebruiker moet een domeingebruiker zijn.

  • De gebruiker moet over lokale beheerdersrechten beschikken voor alle hosts waar de Manager Service of het websiteonderdeel is geïnstalleerd. Voer geen werkgroepinstallatie uit.

  • De gebruiker is geconfigureerd met het recht Aanmelden als service. Dit recht zorgt ervoor dat de Manager Service wordt gestart en logboekbestanden worden gegenereerd.

  • De gebruiker moet over het dbo-recht beschikken voor de IaaS-database. Als u het installatieprogramma gebruikt om de database te maken, moet u controleren of de aanmelding als servicegebruiker is toegevoegd aan SQL Server, voordat het installatieprogramma wordt uitgevoerd. Het installatieprogramma kent aan de servicegebruiker dbo-rechten toe nadat de database is gemaakt.

  • Het installatieprogramma wordt uitgevoerd onder de account die de beheeragent uitvoert op de primaire webserver. Als u het installatieprogramma gebruikt om een MS SQL-database te maken, moet de rol sysadmin voor u zijn ingeschakeld in MS SQL. Deze vereiste geldt niet wanneer u een vooraf gemaakte, lege database wilt gebruiken.

  • De gebruikersaccount voor het domein die u wilt gebruiken als identiteit van de IIS-toepassingspool voor de Model Manager Web Service, wordt geconfigureerd met het recht Aanmelden als batchtaak.

Specificaties voor Model Manager-server

Geef de naam voor de Model Manager-server op door een volledig gekwalificeerde domeinnaam te gebruiken (FQDN). Gebruik geen IP-adres om de naam van de server op te geven.