Als er een crash optreedt, moet een systeembeheerder vRealize Automation-toepassing herstellen. Als Load Balancer wordt gebruikt, herstelt de beheerder Load Balancer en de virtuele toepassingen die erdoor worden beheerd. Als een hostnaam wordt gewijzigd tijdens het herstellen, moet u indien nodig de configuratiebestanden bijwerken.

Over deze taak

Onder de volgende omstandigheden moet u mogelijk een mislukte virtuele toepassing herstellen:

  • U voert een minimale implementatie uit en uw enige vRealize Automation-toepassing mislukt of wordt beschadigd.

  • U voert een gedistribueerde implementatie uit en enkele, maar niet alle, virtuele toepassingen mislukken.

  • U voert een gedistribueerde implementatie uit en alle virtuele toepassingen mislukken.

Hoe u vRealize Automation-toepassing of een Load Balancer voor virtuele toepassingen herstelt, is afhankelijk van the type implementatie en van welke toepassingen mislukken.

  • Als u één virtuele toepassing gebruikt, waarvan de naam ongewijzigd blijft, herstelt u de virtuele toepassing of implementeert u deze opnieuw en herstelt u de set back-upbestanden. Verder zijn er geen stappen vereist.

  • Als u een gedistribueerde implementatie uitvoert die gebruik maakt van een Load Balancer, en u wijzigt de naam of het IP-adres van de virtuele toepassing of de Load Balancer, moet u de toepassing en de bijbehorende back-upbestanden opnieuw implementeren. Ook moet u opnieuw certificaten genereren en kopiëren voor uw implementatie.

Als u virtuele toepassingen in een cluster opnieuw implementeert, opnieuw configureert of toevoegt, raadpleegt u de vRealize Automation 7.2 installeren-documentatie voor vRealize Automation-toepassing voor meer informatie.

Procedure

  1. Implementeer de virtuele toepassing opnieuw.

    U moet ook de Appliance Database configureren nadat u vRealize Automation-toepassing opnieuw hebt geïmplementeerd, als dit nodig is voor uw systeemconfiguratie.

  2. Herstel alle back-upbestanden.
  3. Controleer de bestandsrechten en eigenaren van de herstelde bestanden.
    1. Controleer of de vcac-gebruiker eigenaar is van de bestanden in de map vcac en dat alleen de vcac-gebruiker over lees- en schrijfrechten voor deze bestanden beschikt. Werk eventuele instellingen bij die zijn gewijzigd.
    2. Controleer of alleen de hoofdgebruiker eigenaar is van de bestanden in de map apache2 en dat alleen de gebruiker over lees- en schrijfrechten beschikt. Werk eventuele instellingen bij die zijn gewijzigd.
    3. Controleer of alleen de vco-gebruiker eigenaar is van de bestanden in de map vco en dat alleen de gebruiker over lees- en schrijfrechten beschikt. Werk eventuele instellingen bij die zijn gewijzigd.

    Als de hostnaam of het virtuele IP-adres ongewijzigd zijn gebleven, is de herstelprocedure hiermee beëindigd.

  4. Als u een Load Balancer gebruikt en het virtuele IP-adres daarvan is gewijzigd, moet u opnieuw certificaten genereren en kopiëren voor elke virtuele toepassing.
    1. Verkrijg een certificaat door een opdracht uit te voeren in de volgende vorm:
      C:\Program Files (x86)\VMware\vCAC\Server\Model Manager Data\Cafe 
      \Vcac-Config.exe GetServerCertificates -url https://VA FQDN 
      --FileName .\Vcac-Config-tijdstempel.data -v
    2. Registreer het certificaat van uw oplossingsgebruiker door een opdracht uit te voeren in de volgende vorm:
      C:\Program Files (x86)\VMware\vCAC\Server\Model Manager Data\Cafe 
      \Vcac-Config.exe RegisterSolutionUser -url https://VA FQDN --Tenant vsphere.local 
      -cu administrator@vsphere.local -cp vmware --FileName .\Vcac-Config-tijdstempel.data -v
    3. Registreer de gebeurtenisonderwerpen bij de nieuwe oplossingsgebruiker door een opdracht uit te voeren in de volgende vorm:
      C:\Program Files (x86)\VMware\vCAC\Server\Model Manager Data\Cafe\Vcac-Config.exe RegisterCatalogTypes -v
    4. Verplaats de informatie over het certificaat van uw oplossingsgebruiker naar de database door een opdracht uit te voeren in de volgende vorm:
      C:\Program Files (x86)\VMware\vCAC\Server\Model Manager Data\Cafe 
      \Vcac-Config.exe MoveRegistrationDataToDB -d vcac -s localhost 
      -f .\Vcac-Config-tijdstempel.data -v
  5. Ga naar de beheerconsole voor vRealize Automation-toepassing en controleer of de host, SSL, database en de SSO-instellingen juist zijn.
  6. Werk de instellingen die zijn gewijzigd, bij.
  7. Start de serverservice voor vRealize Automation of sla de pagina met SSO-instellingen op.
  8. Configureer Load Balancer om het verkeer naar de virtuele toepassingen te verdelen.

Volgende stappen

IaaS Website Service of Web-load balancer herstellen