Als u een vRealize Orchestrator Appliance-cluster met vRealize Automation gebruikt, moet u het Orchestrator Appliance-cluster upgraden naar versie 7.3 door een enkele instantie te upgraden en nieuw geïnstalleerde 7.3-knooppunten toe te voegen aan de geüpgradede instantie.

Voordat u begint

Procedure

  1. Upgrade de vRealize Automation NSX-invoegtoepassing vanuit het Control Center.
  2. Stop de Orchestrator-services vco-server en vco-configurator op alle clusterknooppunten.
  3. Upgrade slechts een van de Orchestrator-serverinstanties in uw cluster met behulp van een van de procedures in de documentatie.
  4. Implementeer een nieuwe Orchestrator Appliance voor versie 7.3.
    1. Configureer het nieuwe knooppunt met de netwerkinstellingen van een bestaande, niet geüpgradede instantie die onderdeel is van het cluster.
  5. Ga naar het Control Center van het tweede knooppunt om de configuratiewizard te starten.
    1. Navigeer naar https://uw_orchestrator_server_IP_of_DNS_naam:8283/vco-controlcenter.
    2. Meld u aan als root met het wachtwoord dat u hebt ingevoerd tijdens de OVA-implementatie.
  6. Selecteer het implementatietype Geclusterde Orchestrator.

    Door dit type te selecteren, kiest u ervoor om het knooppunt toe te voegen aan een bestaand Orchestrator-cluster.

  7. Voer in het tekstvak Hostnaam de hostnaam of het IP-adres in van de eerste Orchestrator-serverinstantie.
    Opmerking:

    Dit moet de lokale IP of hostnaam van de Orchestrator-instantie zijn, waaraan u het tweede knooppunt toevoegt. U mag niet het adres van de load balancer gebruiken.

  8. Voer in de tekstvakken Gebruikersnaam en Wachtwoord de verificatiegegevens van de rootgebruiker in voor de eerste Orchestrator-serverinstantie.
  9. Klik op Deelnemen. De Orchestrator-instantie kloont de configuratie van het knooppunt, waaraan deze wordt toegevoegd.

    De Orchestrator-serverservice van beide knooppunten wordt automatisch opnieuw gestart.

  10. Open het Control Center van het geüpgradede Orchestrator-cluster via het adres van de load balancer en meld u aan als beheerder.
  11. Controleer op de pagina Orchestrator-clusterbeheer of de tekenreeksen voor Actieve configuratievingerafdruk en Configuratievingerafdruk in behandeling op alle knooppunten in het cluster identiek zijn.
    Opmerking:

    Mogelijk dient u de pagina meerdere keren te vernieuwen voordat de twee tekenreeksen identiek zijn.

  12. Controleer of het vRealize Orchestrator-cluster juist is geconfigureerd door de pagina Configuratie valideren in Control Center te openen.
  13. (Optioneel) : Herhaal stappen 3 t/m 8 voor elk ander knooppunt in het cluster.
  14. Upgrade de vRealize Automation NSX-invoegtoepassing vanuit het Control Center.

Resultaten

U hebt het Orchestrator-cluster geüpgraded.

Volgende stappen

Load balancers inschakelen.