De systeembeheerder kan een installatiekopie van HP Server Automation gebruiken om vRealize Automation in staat te stellen machines in te richten met behulp van dat exemplaar van HP Server Automation.

Voorwaarden

  • Het netwerk moet een systeem bevatten waarvan HP Server Automation installatiekopieën kan implementeren.

  • Er moet een EPI-agent zijn geïnstalleerd. Zie Een EPI-agent installeren voor HP Server Automation.

  • Meld u aan bij de vRealize Automation-console als systeembeheerder.

Procedure

  1. Klik op de EPI/Opsware Agent-host op Start > Systeembeheer > Services en stop de vRealize Automation EPI/Opsware Agent.
  2. Ga op de installatiehost van de EPI-agent (die mogelijk ook de Manager Service-host is), naar de installatiedirectory van de EPI-agent, doorgaans %SystemDrive%\Program Files (x86)\VMware\vCAC Agents\agent_name.
  3. Bewerk het configuratiebestand van de agent, VRMAgent.exe.config, in de installatiedirectory van de EPI-agent.
    1. Zoek de volgende regel op.
      <DynamicOps.Vrm.Agent.EpiPowerShell
      registerScript="CitrixProvisioningRegister.ps1"
      unregisterScript="CitrixProvisioningUnregister.ps1"/>
    2. Wijzig deze regel als volgt.
      <DynamicOps.Vrm.Agent.EpiPowerShell
      registerScript="CreateMachine.ps1"
      unregisterScript="DisposeVM.ps1"/>
  4. Maak een HP SA-wachtwoordbestand in de map Scripts.

    Geef voor dit bestand verificatiegegevens met minimaal beheerderstoegang op voor alle exemplaren van HP SA waarmee de agent communiceert.

    1. Selecteer Start > Alle programma's > Windows Power- Shell 1.0 > Windows PowerShell.
    2. Ga naar de directory Scripts.
    3. Typ \CreatePasswordFile.ps1 username.
    4. Typ het wachtwoord wanneer u daarom wordt gevraagd.
    5. Typ Exit.
  5. Klik op de vRealize Automation EPI/Opsware Agent-host op Start > Systeembeheer > Services en start de vRealize Automation EPI/Opsware Agent-service (opnieuw) op.