U kunt een netwerkadapter toevoegen, bewerken of verwijderen.

Over deze taak

U kunt de volgende netwerkinstellingen wijzigen tijdens het proces van de machineherconfiguratie:

  • Voeg NIC's toe of verwijder NIC's.

  • Wijs IP-adressen toe of geef ze vrij voor bestaande NIC's.

  • Wijs nieuwe IP-adressen toe aan NIC's, op voorwaarde dat het netwerk geen NAT-netwerk op aanvraag is of een geleid netwerk op aanvraag is.

    Een geleid netwerk op aanvraag of een NAT-netwerk op aanvraag kunt u niet opnieuw configureren.

    Voor een herconfiguratie van een netwerk moeten de bron- en doelnetwerken in de reservering worden geselecteerd.

Wanneer u NIC's toevoegt, worden IP-adressen toegewezen. Wanneer u NIC's verwijdert, worden IP-adressen vrijgegeven.

Wanneer u netwerkinstellingen wijzigt op basis van reserverings- en netwerkprofielgegevens, wordt het nieuwe IP-adres voor het netwerk in vRealize Automation toegewezen, maar wordt de geïmplementeerde machine niet bijgewerkt met de nieuwe IP-informatie. U moet het IP-adres handmatig aan de machine toewijzen nadat het reconfiguratieproces is voltooid.

Het herconfigureren van een virtual machine die is toegewezen aan een netwerk op aanvraag, wordt niet ondersteund. U kunt een NIC die is aangesloten in een netwerk op aanvraag, niet herconfigureren. Als u een NAT op aanvraag of een geleid netwerk probeert te herconfigureren, wordt de fout 'Original network [<network>] is not selected in the machine's reservation. weergegeven, blijven de netwerken op de machine intact en blijven de IP-adressen op de machine ongewijzigd.

NSX-netwerkinstellingen wijzigen wordt niet ondersteund voor implementaties die vanuit vRealize Automation 6.2.x zijn geüpgraded of gemigreerd naar deze vRealize Automation-versie.

Procedure

  1. Klik op het tabblad Netwerk.
  2. (Optioneel) : Voeg een netwerkadapter toe.
    1. Klik op Nieuwe netwerkadapter.
    2. Selecteer een netwerk in het vervolgkeuzemenu Netwerkpad.

      Alle netwerken die zijn geselecteerd op de reservering van de machine, zijn beschikbaar.

    3. Typ een statisch IP-adres voor het netwerk in het tekstvak Adres.

      Het IP-adres moet nog niet zijn toegewezen in het netwerkprofiel dat is toegewezen in de reservering.

    4. Klik op het pictogram Opslaan (Opslaan).
  3. (Optioneel) : Verwijder een netwerkadapter.
    1. Zoek de netwerkadapter.
    2. Klik op het pictogram Verwijderen (Verwijderen).

    U kunt de netwerkadapter 0 niet verwijderen.

  4. (Optioneel) : Bewerk een netwerkadapter.
    1. Zoek de netwerkadapter.
    2. Klik op het pictogram Bewerken (Bewerken).
    3. Selecteer een netwerk in het vervolgkeuzemenu Netwerkpad.
    4. Klik op het pictogram Opslaan (Opslaan).

Volgende stappen

Geef aanvullende nieuwe machineconfiguratie-instellingen op. Als u klaar bent met het wijzigen van machine-instellingen, start u de aanvraag voor de nieuwe machineconfiguratie. Zie De aangevraagde machineherconfiguratie uitvoeren.