Met de werkstromen uit de categorie Overige kunt u fouttolerantie (FT) inschakelen en uitschakelen, informatie over virtual machines extraheren en zwevende virtual machines vinden.

U hebt toegang tot deze werkstromen via Bibliotheek > vCenter > Beheer van virtual machines > Overigein de weergave Werkstromen van de Orchestrator-client.

Werkstroomnaam

Beschrijving

FT uitschakelen

Schakelt fouttolerantie voor een opgegeven virtual machine uit.

FT inschakelen

Schakelt fouttolerantie voor een opgegeven virtual machine in.

Informatie over virtual machines extraheren

Retourneert de map van de virtual machine, de bronpool, de computerbron, de datastore, de grootte van harde schijven, de CPU en het geheugen, het netwerk en het IP-adres voor een opgegeven virtual machine. Vereist mogelijk VMware Tools.

Zwevende virtual machines vinden

Geeft een lijst met alle virtual machines met een zwevende status in de Orchestrator-inventaris weer. Geeft een lijst met de VMDK- en VMTX-bestanden weer voor alle datastores in de Orchestrator-inventaris die niet aan virtual machines in de Orchestrator-inventaris zijn gekoppeld. Verzendt de lijsten per e-mail (optioneel).

Virtual machine ophalen op naam en BIOS-UUID

Zoekt virtual machines op naam en filtert vervolgens het resultaat met een bepaalde algemene unieke id (UUID) om een unieke virtual machine te identificeren.

Opmerking:

Deze werkstroom is vereist wanneer DynamicOps vRealize Orchestrator-werkstromen aanroept die invoerparameters van het type VC:VirtualMachine hebben om de communicatie tussen een bepaalde virtual DynamicOps-machine en virtual vRealize Orchestrator-machine tot stand te brengen.

Virtual machine ophalen op naam en UUID

Zoekt virtual machines op naam en filtert vervolgens het resultaat met een bepaalde algemene unieke id (UUID) om een unieke virtual machine te identificeren.

Opmerking:

Deze werkstroom is vereist wanneer DynamicOps vRealize Orchestrator-werkstromen aanroept die invoerparameters van het type VC:VirtualMachine hebben om de communicatie tussen een bepaalde virtual DynamicOps-machine en virtual vRealize Orchestrator-machine tot stand te brengen.

UUID van virtual machine ophalen

Zoekt virtual machines op naam en filtert vervolgens het resultaat met een bepaalde algemene unieke id (UUID) om een unieke virtual machine te identificeren.

Opmerking:

Deze werkstroom is vereist wanneer DynamicOps vRealize Orchestrator-werkstromen aanroept die invoerparameters van het type VC:VirtualMachine hebben om de communicatie tussen een bepaalde virtual DynamicOps-machine en virtual vRealize Orchestrator-machine tot stand te brengen.