Als u een onderliggende werkstroom meerdere keren wilt uitvoeren door verschillende waarden voor de parameters of variabelen in elke volgende uitvoering door te geven, kunt u een Foreach-element in de bovenliggende werkstroom invoegen.

Wanneer u een Foreach-element invoegt, moet u ten minste één array selecteren waarover het Foreach-element itereert. Een arrayelement kan verschillende waarden hebben voor elke volgende uitvoering van de werkstroom.

Als de onderliggende werkstroom uitvoerparameters heeft, moet u de uitvoerparameters van het Foreach-element selecteren waarin u de werkstroomuitvoer wilt verzamelen, zodat de onderliggende werkstroom hier ook over kan itereren.

Procedure

  1. Meld u aan bij de vRealize Orchestrator-client.
  2. Ga naar Bibliotheek > Werkstromen en selecteer uw werkstroom.
  3. Selecteer in de werkstroomeditor het tabblad Schema.
  4. Sleep een Foreach-element in het werkstroomschema vanuit het menu Algemeen.
  5. Maak variabelen voor de items in de array.
  6. Selecteer onder Werkstroom de werkstroom die u wilt toevoegen aan het Foreach-element.
    De invoer- en uitvoerparameters van de geselecteerde werkstroom worden toegevoegd aan het Foreach-element.
  7. Voeg een handler voor iteratiefouten toe.
  8. Voeg een variabele toe die u wilt gebruiken voor afhandeling van exceptie.

resultaten

U hebt een Foreach-element in uw werkstroom gedefinieerd. Het Foreach-element voert een werkstroom uit die elk element uit de array met parameters of variabelen die u hebt gedefinieerd als parameters krijgt.

Voor parameters of variabelen die niet als arrays zijn gedefinieerd, krijgt de werkstroom dezelfde waarde in elke volgende uitvoering.

Voorbeeld: De naam van virtual machines wijzigen met een Foreach-element

U kunt een Foreach-element gebruiken om de naam van meerdere virtual machines tegelijk te wijzigen. U moet een Foreach-element in een werkstroom invoegen en de parameters vm en newName promoveren tot invoer voor de huidige werkstroom. Op deze manier geeft u bij het uitvoeren van de werkstroom de virtual machines op die u wilt hernoemen evenals de nieuwe namen voor de virtual machines. De virtual machines worden opgenomen als elementen in de array die u hebt gemaakt voor de vm-parameter. De nieuwe namen voor de virtual machines worden opgenomen in de array die u hebt gemaakt voor de newName-parameter.